©

Redactie

Inloggen

Lost your password?

Jatsenjoek: demonstraties hebben Russische inval tot doel
Gepost door  redactie redactie Gepostop  07-04-2014 12:13 07-04-2014 12:13 518  keer gelezen 518 keer gelezenNRC Handelsblad NRC Handelsblad
printer
NRC Handelsbladdoor Annemarie Coevert

“Protestacties in het oosten van Oekraïne moeten leiden tot een grootschalige inval door Russische troepen”, waarschuwt de Oekraïense premier Arseni Jatsenjoek vanochtend in een verklaring. Een Oekraïense marine-officier is daarnaast vanochtend volgens autoriteiten gedood door een Russische soldaat.
Het Oekraïense ministerie van Defensie verklaart dat de officier is doodgeschoten in het oosten van de Krim, een regio die vorige maand door Rusland werd geannexeerd. Verdere informatie over het incident is niet vrijgegeven.

‘RADICALEN COÖRDINEREN ACTIES MET RUSLAND’
De ‘radicalen’ die momenteel overheidsgebouwen bezetten coördineren hun acties met buitenlandse overheden, aldus de premier. Jatsenjoek stelt dat Russische troepen slechts dertig kilometer verwijderd zijn van de Oekraïense grens, en voegt daaraan toe dat zijn land “niet zal toestaan om beslag te leggen op Oekraïense grond”:

“Het plan is om de situatie te destabiliseren, het plan van buitenlandse troepen is om de Oekraïense grens over te steken en territorium van ons land in te nemen, wat wij niet zullen toestaan.”

ALLE WEGEN NAAR LOEHANSK AFGESLOTEN
Volgens Oekraïense autoriteiten hebben pro-Russische demonstranten wapens buitgemaakt in Loehansk, een stad in oost-Oekraïne, en het lokale hoofdkwartier van veiligheidsdiensten bezet. Ze beklommen het gebouw en hesen de Russische vlag. De minister van Binnenlandse Zaken, Arsen Avakov, zegt tegenover persbureau AP dat gewapende lieden vannacht barrières hebben opgebouwd op een belangrijke doorgangsweg in Loehansk, dat ongeveer 25 kilometer ten westen van de Russische grens ligt.

De politie in Loehansk staat volgens een woordvoerder op scherp en heeft alle toegangswegen naar de stad geblokkeerd. Een stoet van pro-Russische activisten bestormden gisteren een aantal gebouwen van de lokale Oekraïense overheid in diverse steden, en in Loehansk en het gebouw van de veiligheidsdiensten. Volgens lokale media werd dit pand bekogeld met eieren, vervolgens met stenen, een rookbom en uiteindelijk een brandbom.

In Charkov, de tweede stad van het land, namen zo’n 200 activisten twee verdiepingen in het districtsgebouw over. Volgens minister Avakov zijn de betogers vanmorgen weer uit het provinciehuis verwijderd. Avakov was eerder naar Charkov gevlogen om leiding te geven aan de politie.

TOERTSJINOV ZEGT BEZOEK AAN LITOUWEN AF
Waarnemend president van Oekraïne Oleksandr Toertsjinov heeft gisteravond een bezoek aan Litouwen voor komende week afgezegd vanwege de escalerende onrust in het oosten van zijn land. De bestormingen volgden op een demonstratie op het centrale plein van Donetsk. In deze stad gaan al weken iedere zondag betogers de straat op om een referendum te eisen om zich bij Rusland aan te sluiten.

‘WANNEER IS RUSLAND UIT OP AFSCHEIDING VAN OOST-OEKRAÏNE?’
De escalatie in het oosten roept de vraag op of en wanneer Rusland uit is op afscheiding van het, merendeels Russischtalige, oosten van het land, zo schrijft buitenlandredacteur Hubert Smeets vanmiddag in NRC Handelsblad:

“Volgens de over het algemeen goed ingevoerde Oekraïense oorlogsjournalist Dmitri Timtsjoek is het onduidelijk of de escalatie door de pro-Russische groepen in het Oosten ook daadwerkelijk nu tot afscheiding moeten leiden.
Timtsjoek zegt aanwijzingen te hebben dat Moskou zich het Oosten van Oekraïne nog niet wil “toe-eigenen” om de situatie rond de Krim niet te laten “overkoken”. De pro-Russische activisten zijn nu dus niet meer dan “kanonnenvoer”, schrijft Timtsjoek op zijn Facebook-pagina.
Intussen voert de Rusland de economische druk op: Oekraïense melkproducten mogen niet meer worden ingevoerd en staatsgasbedrijf Gazprom verhoogde de prijs voor aardgas voor Oekraïne met ongeveer 40 procent. De prijs die Rusland aan Europese afnemers vraagt, ligt namelijk lager.”


Bron: NRC Handelsblad